Op 12 november kwamen een 20-tal leden naar een uiteenzetting luisteren van dr. Franciska Verlinde over de invloed van alcohol op ons lichaam. Zij vertelde ons o.a. dat er evenveel alcohol zit in een glas pilsbier als in een glas jenever als beide dranken in het gepaste glas worden geschonken. Ook kwamen we te weten dat onze lever er gemiddeld 1,5 uur over doet om één glas af te breken. Enkelen vonden het spijtig dat ze ons niet kon vertellen hoe we eventueel op een snelle manier weer nuchter geraken. Niet door warme koffie te drinken en ook niet door een lange wandeling te maken. De enige manier is overdaad te vermijden, zo vermijd je de ochtend nadien ook een kater.

Nadien proefden we enkele wijnen, gebaseerd op een waaier van vruchten, gaande van kriekensap tot bessen van de kornoelje. Van de bessen van deze laatste struik maakt men in Frankrijk trouwens de ‘vin de cournouille’, terwijl vroeger in Noorwegen de zaden geroosterd en gemalen als koffie werden gebruikt. Met de voordracht van dr. Verlinde in het achterhoofd, werd er tijdens de degustatie met mate(n) van de aangeboden sterke wijnen geproefd.

 

Tijdens de kelderactiviteit van 15 november werd door enkele bierbrouwers de mout geschroot om de dag de dag nadien gebruikt te worden om een lekker blondje te brouwen. Met medewerking van Guy Somers werd een ander soort schrootmolen uitgetest. De wijnmakers van hun kant hebben “slechts” etiketten op reeds gebottelde flessen gekleefd. Ook werden de voorbereidingen getroffen om de week nadien zo’n 120 liter wijn te bottelen.
Na het “harde” werk werd de avond samen afgesloten met producten van eigen origine.

 

 

 

 

Op 22 november werd op de kelderactiviteit het groen bier van de gist geheveld en het brouwsel in lagering gezet. In de wijnkelder werden er zo’n 80 flessen appelwijn en evenveel flessen kriekenwijn gebotteld. Na nog even samen te hebben nagepraat over koetjes en kalfjes ging iedereen ‘voldaan’ naar huis.